Category: Amigurumi

Kleine gehaakte knuffels en figuurtjes.

  • Gelukswormpjes haken voor kerst: zo maak je ze stap voor stap

    Gelukswormpjes haken voor kerst: zo maak je ze stap voor stap

    Gelukswormpjes haken voor kerst is een populaire en laagdrempelige manier om schattige kleine beestjes te maken die je kunt weggeven als kerstcadeautje, ophangen als decoratie of versieren met een label. Ze zijn snel af, kosten weinig garen en zijn ook voor beginners goed te doen. In dit artikel lees je precies hoe je zo’n gelukswormpje haakt, welk materiaal je nodig hebt en hoe je ze een kerstse uitstraling geeft.

    Wat is een gelukswormpje?

    Een gehaakt gelukswormpje is een klein, kleurrijk wormpje van een paar centimeter lang. Je maakt het door een reeks losse steken of vaste steken aan te eenhaken, waarna het beestje een beetje golft en krult. Dat golvende effect ontstaat vanzelf doordat je aan één kant meer steken haakt dan aan de andere kant. Het wormpje heeft van nature geen echte kop of staart, maar met een paar extra trucjes (een oogje, een glimlach of een belletje) maak je er een persoonlijk kerstversieringetje van.

    De naam “gelukswormpje” verwijst naar het idee dat je het beestje weggeeft als klein geluksbrengende attentie. Met kerst zijn ze extra populair: in kerstkleurige combinaties zoals rood-groen, wit-goud of ijsblauw-zilver passen ze perfect bij het seizoen.

    Materiaal voor het haken van gelukswormpjes met kerst

    Je hebt maar weinig nodig om te beginnen. Dit is wat je per wormpje gebruikt:

    • Een klein bolletje haakgaren in twee of drie kerstkleuren (rood, groen, wit, goud of bordeaux werken goed)
    • Een haaknaaldje, meestal maat 2,5 of 3 bij standaard haakkatoen
    • Twee kleine veiligheidsoogjes (optioneel)
    • Een naald en draad om de eindjes weg te werken
    • Een schaar

    Gebruik je restjes garen? Gelukswormpjes zijn ideaal om kleine kleurenresten op te maken. Eén wormpje verbruikt naar schatting maar een paar meter garen, dus zelfs de kleinste bolletjes zijn bruikbaar.

    Stap voor stap: gelukswormpjes haken voor kerst

    Het basispatroon is eenvoudig en gaat snel. Hieronder vind je de meest gebruikte methode voor een eenvoudig gelukswormpje.

    Stap 1: Begin met een luchtketting. Haak een luchtketting van ongeveer 15 tot 20 lossen. Hoe langer de ketting, hoe langer je wormpje wordt.

    Stap 2: Haak de eerste rij terug. Haak terug langs de ketting met vaste steken. In de eerste steek doe je één vaste steek, in de tweede steek twee vaste steken, en daarna telkens één vaste steek per maas tot het einde. Door die ene dubbele steek aan het begin ontstaat het golvende effect.

    Stap 3: Verander van kleur. Wil je een gestreept kerstwormpje? Wissel halverwege of na elke rij van garenkleuur. Knoop het nieuwe garen vast, werk de einddraadjes later weg.

    Stap 4: Afwerken. Knip de draad af en trek hem door de laatste steek. Werk alle losse eindjes weg met de naald. Plak of naai de veiligheidsoogjes aan de ronde kant (de “kop”) en je wormpje is klaar.

    Stap 5: Kerstse finishing touch. Bevestig een klein labeltje met een kerstboodschap (“Fijne kerst!”, “Veel geluk in het nieuwe jaar!”) of rijg een smal lintje door de kop zodat je het wormpje als kerstboomhanger kunt gebruiken.

    Gelukswormpjes haken als kerstcadeautje of decoratie

    Als kerstcadeautje zijn gehakte gelukswormpjes populair omdat ze persoonlijk aanvoelen en bijna niets kosten om te maken. Je kunt ze verkopen op een kerstmarkt, meegeven als attentie bij een kaart of in een klein zakje met een strikje presenteren. Een setje van vijf of zes wormpjes in verschillende kerstkleuren past in een klein doosje en maakt een compleet cadeautje.

    Als decoratie kun je meerdere wormpjes aan een snoer rijgen en er een korte slinger van maken. Hang ze aan de boom, rondom een kaars of door een adventskrans. In de kleuren van je eigen kerstdecoratie passen ze overal bij.

    Tips voor mooiere kerst gelukswormpjes

    • Gebruik glanzend of metallic garen voor een feestelijk effect, bijvoorbeeld goud of zilver gecombineerd met rood of donkerblauw.
    • Hak meerdere wormpjes tegelijk: hang ze in groepjes van drie aan een lintje voor een speelse hanger.
    • Wil je een miniformat? Gebruik een luchtketting van slechts 10 lossen en dunner garen (maat 2 of fijn haakkatoen). Ze worden dan nog schattigere mini-wormpjes.
    • Borduur een klein sterretje of sneeuwvlokje op het lijfje met een contrasterende kleur voor extra kerstdetail.
    • Bewaar je patroon als je eenmaal een versie hebt die je leuk vindt. Zo haak je de volgende keer makkelijker een hele serie.

    Gelukswormpjes haken voor kerst is iets wat je in een middagje op gang brengt, ook als je nog niet veel haakervaring hebt. Met een beetje kleurgevoel en de juiste garenkleuren heb je binnen no time een stapeltje schattige kerstattentie klaar liggen voor vrienden, familie of de kerstmarkt.

  • Nijntje knuffeldoekje haken: gratis patroon en uitleg

    Nijntje knuffeldoekje haken: gratis patroon en uitleg

    Een gratis patroon voor een nijntje knuffeldoekje haken is precies wat je nodig hebt als je een lief, handgemaakt cadeautje wil maken voor een baby of peuter. Dit knuffeldoekje combineert het herkenbare hoofd van nijntje met een zacht doekje, en je haakt het helemaal zelf met 100% katoen en een haaknaald nummer 3.

    Wat is een nijntje knuffeldoekje?

    Een knuffeldoekje is een klein doekje met een knuffelhoofd erop, in dit geval het bekende ronde gezichtje van nijntje. Baby’s en peuters gebruiken het als troostobject: ze houden het vast tijdens het slapen of bij spanning. Omdat het doekje van katoen is, is het zacht tegen de huid en makkelijk te wassen. Dat maakt een gehaakt nijntje knuffeldoekje ook een praktisch cadeau bij een kraambezoek of verjaardag.

    Materiaal voor het nijntje knuffeldoekje haken

    Voor dit patroon heb je maar weinig nodig:

    • 100% katoengaren in wit (voor het hoofd van nijntje)
    • Katoengaren in de kleur van je keuze voor het doekje zelf
    • Haaknaald nummer 3
    • Wat zwart garen of borduurzijde voor de ogen en de mond
    • Vulling voor het hoofdje (bijvoorbeeld acrylwattenpolyester)
    • Een naald om stukken aan elkaar te naaien
    • Een schaar

    Katoen is de beste keuze voor een baby-knuffeldoekje. Het is ademend, wasbaar op 40 of 60 graden en pluist niet snel. Acrylgaren haalt het hier niet bij, dus houd het bij 100% katoen als je weet dat het voor een baby bedoeld is.

    Het gratis patroon voor het nijntje knuffeldoekje haken

    Het patroon bestaat uit twee delen: het ronde hoofd van nijntje en het vierkante of rechthoekige doekje. Je haakt die apart en naait ze daarna aan elkaar vast.

    Het hoofd: Begin met een magische ring en haak rondes van vaste steken. Verhoog de eerste rondes zodat je een ronde schijf krijgt, ga daarna halverwege over op gelijke rondes zodat het bolletje vorm krijgt. Vul het hoofd met een beetje vulling voordat je het sluit. Borduur de ogen (twee kleine zwarte stipjes) en de mond (een klein zwart streepje) op het gezicht. Nijntje heeft ook twee kleine oortjes aan de bovenkant: hak die apart als kleine ronde vlakjes en naai ze vast.

    Het doekje: Haak een vierkant van ongeveer 20 bij 20 centimeter (of het formaat dat jij fijn vindt) in een eenvoudig patroon, zoals ribbelsteken of vaste steken. Je kunt ook een eenvoudige kantrand haken langs de buitenkant voor extra afwerking.

    Samenstellen: Naai het hoofd stevig vast in de bovenste hoek van het doekje. Zorg dat je alle draadeinden goed verwerkt, want bij een kinderspeeltje is dat belangrijk voor de veiligheid.

    Tips voor een mooi resultaat

    Gebruik je een haaknaald die iets kleiner is dan het garen aangeeft, dan haak je vaster en strakker. Dat is fijn voor het hoofd, zodat de vulling er niet doorheen prikt. Voor het doekje zelf mag het iets losser, dan valt het soepeler.

    Borduur de ogen en de mond pas nadat het hoofd gesloten is, dan kun je nog goed schuiven met de plek. Het gezicht van nijntje is heel eenvoudig: twee kleine ronde oogjes op gelijke hoogte, en een klein rechthoekig mondje precies in het midden eronder. Dat minimalistische gezichtje maakt nijntje zo herkenbaar.

    Was het doekje na het haken nog een keer op 40 graden voor je het weggeeft. Zo is het meteen gewassen, eventueel gekrompen en helemaal veilig voor gebruik door een baby.

    Met dit gratis patroon haak je een knuffeldoekje dat er niet alleen lief uitziet, maar ook stevig genoeg is om jaren mee te knuffelen. Veel haakplezier!

  • Dropje knuffel haken: zo maak je dit schattige haakwerkje

    Dropje knuffel haken: zo maak je dit schattige haakwerkje

    Een dropje knuffel haken is een populair haakproject waarbij je een klein, zacht knuffeltje maakt in de vorm van een dropje, het bekende snoepje. Het patroon is beschikbaar via 2 Linker Handen (2lh.nl) en is geïnspireerd op Dropje uit een Nederlandse schooltelevisieserie. Met een beetje haakervaring en de juiste materialen maak je zo’n knuffeltje in een paar uur.

    Wat heb je nodig om een dropje knuffel te haken?

    Voor het haken van een dropje knuffel heb je een aantal basismaterialen nodig. Denk aan amigurumi-garen in zwart (voor het typische dropjesuiterlijk) en eventueel rood of wit als accentkleur. Een haaknaald in maat 2,5 of 3 mm past goed bij dun amigurumi-garen. Verder heb je vulwadding nodig om de knuffel zijn ronde, zachte vorm te geven, en een setje veiligheidsoogen om het gezichtje te maken.

    Stikgaren in een contrasterende kleur gebruik je om details in het gezicht te borduren, zoals een mond. Een stopmuts is handig om einddraden in te verwerken. Heb je deze spullen klaarliggen, dan kun je aan de slag met het patroon zelf.

    Dropje knuffel haken: het patroon stap voor stap

    Het haakpatroon voor de dropje knuffel volgt de amigurumi-methode. Dat betekent dat je in rondjes haakt zonder te sluiten, zodat je een naadloze bol of druppelvorm krijgt. De basisvorm van een dropje is een afgeronde peervorm: breed aan de onderkant en smaller toelopend naar boven.

    Je begint met een magische ring en haalt in de eerste ronde een aantal vaste steken aan. In de volgende ronden meerdeer je regelmatig om de buik van het dropje te vormen. Daarna hak je een paar ronden recht en vervolgens minder je geleidelijk om de bovenkant te sluiten. Voordat je helemaal dicht hakt, stop je de veiligheidsoogen op de juiste plek en vul je de knuffel stevig op met wadding. Daarna werk je de mond en eventuele andere details in.

    Het exacte patroon, inclusief de precieze steekenaantallen per ronde, koop je via 2lh.nl. Dat patroon is specifiek ontworpen voor dit karakter, dus het geeft je de meest nauwkeurige vorm en details.

    Tips om het resultaat te verbeteren

    Een veelgemaakte fout bij het haken van een dropje knuffel is te los haken. Daardoor zie je gaatjes in het werk, en schemert de vulling door het garen heen. Hak strakker dan je gewend bent, of kies een kleinere haaknaald dan de verpakking aangeeft.

    Zet de veiligheidsoogen altijd op zijn plek vóór je de knuffel volledig opvult en sluit. Daarna zijn ze niet meer aan te brengen zonder het werk te beschadigen. Een goede stelregel: sluit de sluitring van de veiligheidsoog pas stevig nadat je zeker weet dat ze goed staan. Kijk even van een afstandje hoe het karakter eruitziet voordat je ze vastzet.

    Voor de kleur geldt: een glanzend zwart garen geeft een meer speelgoedachtig resultaat, terwijl mat zwart er zachter en knuffeliger uitziet. Kijk welk effect jij wilt bereiken.

    Voor wie is dit project geschikt?

    Het haken van een dropje knuffel is geschikt voor beginners die al de basissteken kennen: vaste stek, meerdere en mindere. Heb je nog nooit in rondjes gehaakt? Oefen dat dan eerst even apart, want amigurumi vraagt om een iets andere aanpak dan plat haakwerk. Heb je al een paar eenvoudige amigurumi’s gemaakt, dan lukt dit patroon je waarschijnlijk zonder problemen.

    Het eindresultaat is een leuk cadeau voor kinderen die de schooltelevisieserie kennen, maar ook gewoon een vrolijk en herkenbaar decoratief knuffeltje voor op een boekenplank of in een kinderkamer.

    Wil je zelf aan de slag, haal dan het officiële patroon op bij 2lh.nl zodat je de juiste steekenaantallen en maatvoering hebt. Zo weet je zeker dat de vorm klopt en het eindresultaat lijkt op het bekende personage.

  • Amigurumi haken boeken: de beste keuze voor jouw niveau

    Amigurumi haken boeken: de beste keuze voor jouw niveau

    Een goed amigurumi haken boek geeft je niet alleen patronen, maar ook uitleg over techniek, materiaal en afwerking die je online vaak mist. Of je nu net begint met het haken van schattige poppetjes en diertjes, of al wat verder bent en uitdagendere projecten zoekt: er is voor elk niveau een passend boek te vinden. In dit artikel lees je waar je op moet letten bij het kiezen van een boek over amigurumi haken.

    Wat staat er in een amigurumi haken boek?

    De meeste boeken over amigurumi haken bestaan uit twee delen. Eerst een technisch gedeelte: de basissteken, het werken in rondjes (de magische ring), het stoppen van de draad en het invullen met vulling. Daarna volgen de patronen zelf, meestal uitgewerkt per figuur met stap-voor-stap haakschema’s of beschrijvingen in tekst.

    Goede boeken geven ook uitleg over het kiezen van het juiste garen en de bijpassende haaknaald. Voor amigurumi gebruik je vaak een kleinere naald dan op de verpakking van het garen staat, zodat de steken strak zitten en de vulling niet zichtbaar is. Dat soort praktische details maakt een boek veel meer waard dan een losse gratis website met een patroon.

    Sommige boeken richten zich op een thema: feestelijke figuren, regenboogkleuren, grote knuffels of seizoensgebonden ontwerpen. Andere boeken bieden een breed overzicht met tientallen verschillende patronen door elkaar. Welke aanpak je fijner vindt, hangt af van je eigen smaak en waarvoor je de figuren wilt maken.

    Amigurumi haken boeken voor beginners

    Als je nog nooit een amigurumi hebt gehaakt, zoek dan een boek dat begint bij de absolute basis. Het moet uitleggen wat een magische ring is, hoe je steekmarkeringen gebruikt en hoe je de kop aan het lijfje naaít. Boeken met veel foto’s of duidelijke illustraties zijn voor beginners prettiger dan boeken die alleen tekst gebruiken.

    Let ook op de moeilijkheidsgraad van de patronen in het boek. Een geschikt beginnerboek heeft eenvoudige, ronde figuren met weinig losse onderdelen. Denk aan basisvormen: een rond beertje, een eenvoudig konijntje of een simpel vogeltje. Hoe minder aparte armpjes, snoetjes en accessoires, hoe makkelijker het project.

    Boeken met een prijs rond de 10 euro (naar schatting in 2026) zijn vaak compacte edities met een beperkt aantal patronen. Dat is prima voor een eerste kennismaking. Wil je daarna meer variatie, dan kun je altijd een uitgebreider boek aanschaffen.

    Gevorderd haken: wat mag je meer verwachten?

    Ben je al vertrouwd met de basistechnieken, dan zijn er boeken die verder gaan. Denk aan patronen met kleurwisselingen, realistische gezichtsdetails of ingewikkeldere constructies zoals een staand figuur met draadskelet. Boeken voor gevorderde hakers bevatten vaak meer onderdelen per figuur en leggen uit hoe je de verhoudingen goed krijgt.

    Themaboeken zijn ook populair in dit segment. Zo zijn er boeken speciaal gericht op gnooms (kabouters), fantasiefiguren of seizoensgebonden knuffels. Die geven je meteen een complete reeks bijpassende figuren die je als set kunt haken, handig als je ze als cadeau wilt geven of als decoratie wilt gebruiken.

    Nederlandstalige boeken versus anderstalige boeken

    Veel amigurumi haken boeken zijn oorspronkelijk Japans of Engels. Nederlandstalige edities zijn er ook, en die zijn voor veel haaksters makkelijker te volgen, zeker als je minder gewend bent aan Engelse haaktermen. In het Nederlands worden de steken anders afgekort dan in het Engels: een vaste in het Nederlands is een single crochet in het Engels. Dat verschil zorgt soms voor verwarring als je een Engels patroon volgt uit een boek dat je op een Nederlandse site kooct.

    Check daarom altijd even in welke taal het boek is geschreven en of er een legenda of afkortingenlijst in staat. Veel boeken bevatten ook symboolschema’s, die werken taalonafhankelijk en zijn daardoor voor iedereen te begrijpen.

    Waar koop je amigurumi haken boeken?

    Amigurumi boeken zijn verkrijgbaar bij speciaalzaken in haken en breien, bij boekhandels en via Nederlandse webshops die zich richten op haken. Webshops zoals CuteDutch bieden bijvoorbeeld een eigen collectie amigurumi boeken aan, van compacte titels rond de 10 euro tot uitgebreidere boeken tot rond de 20 euro. Je vindt er zowel losstaande titels als pre-orders van nieuwe uitgaven.

    Grote boekenplatforms en online marktplaatsen hebben ook een breed aanbod, al zijn de omschrijvingen daar soms minder uitgebreid. Een voordeel van een gespecialiseerde haken-webshop is dat de beschrijving vaak aangeeft voor welk niveau het boek geschikt is en welk type garen wordt aangeraden.

    Wil je eerst even bladeren? Sommige bibliotheken hebben haakboeken in de collectie. Dat is een makkelijke manier om een boek te beoordelen voordat je het koopt, zeker als je nog niet zeker weet welke stijl bij je past.

    Een amigurumi haken boek is een goede investering als je meer wilt dan losse gratis patronen online. Het geeft structuur, technische uitleg en inspiratie in één geheel, en een fysiek boek bladert gewoon prettiger aan de haaktafel dan een schermpje. Kies het boek dat past bij je niveau en smaak, en je hebt er jaren plezier van.

  • Eendjes haken: zo maak je ze stap voor stap

    Eendjes haken: zo maak je ze stap voor stap

    Eendjes haken is een van de leukste en meest toegankelijke amigurumi-projecten. Met een paar bollen garen en een haaknaald haal je in een paar uur een schattig eendje uit je handen. Of je nu net begint of al wat ervaring hebt, het patroon is te begrijpen als je de basissteken kent.

    Wat je nodig hebt

    Voor een gemiddeld gehaakt eendje heb je niet veel nodig. Dit is wat je bij de hand houdt voordat je begint:

    • Garen in de gewenste kleur (geel is klassiek, maar elke kleur werkt)
    • Een haaknaald passend bij de garenmaat (kijk op het garenlabel)
    • Vulling (polyestervulling of uitgewassen watten)
    • Veiligheidsoogjes of zwart borduurgaren voor de ogen
    • Een stopnaald om losse eindjes weg te werken
    • Stekenmarkeerders
    • Schaar

    Wil je een klein eendje maken, kies dan een fijn garen (ongeveer dikte 3 of 4) met een haaknaald van 3 tot 3,5 mm. Voor een groter, knuffelig eendje pak je een dikker garen en een bredere naald. Houd het garen iets strakker aan dan normaal, zodat de vulling niet door het haakwerk heen piept.

    De basissteken voor het haken van een eendje

    Bij eendjes haken gebruik je bijna altijd dezelfde steken. De meeste patronen zijn opgebouwd uit vaste steken (vs) in cirkels of spiraaltoeren. Daarmee maak je de ronde lichaamsdelen. Verder kom je de volgende steken regelmatig tegen:

    • Vaste steek (vs): de basisbouwsteen van elk amigurumi
    • Toename (2 vs in 1 steek): om een deel breder te maken
    • Afname (2 vs samen): om een deel smaller te maken, bijvoorbeeld voor het kopje
    • Luchtsteken (ls): soms nodig voor het snaveltje of vleugeltjes

    Ken je deze vier steken? Dan kun je vrijwel elk eendjpatroon volgen.

    Stap voor stap eendjes haken

    De meeste gehakte eendjes bestaan uit losse onderdelen die je daarna aan elkaar naait: een lijf, een kopje, twee vleugeltjes en een snaveltje. Hieronder zie je hoe zo’n basisopbouw eruitziet.

    1. Begin met een magische ring. Haak 6 vaste steken in een magische ring en trek de ring dicht. Dit wordt het midden van je eerste cirkel.

    2. Maak het lijf op. Neem in elke toer toe (12, 18, 24 steken enzovoort) totdat je de gewenste breedte hebt. Houd daarna een paar toeren gelijk, dan begin je af te nemen om het lijf te sluiten. Stop halverwege het sluiten met vullen, zodat je het eendje mooi rondom kunt opvullen.

    3. Haak het kopje apart. Begin ook hier met een magische ring en werk op dezelfde manier. Het kopje is meestal iets kleiner dan het lijf. Voeg de veiligheidsoogjes in voordat je het kopje volledig sluit, want daarna kom je er niet meer bij.

    4. Vleugeltjes en snaveltje. De vleugeltjes zijn kleine platte ovaalvormige stukjes. Het snaveltje is een mini-ovaal van een paar luchtsteken en vaste steken in een oranje of geel garen. Beide haak je los en naai je daarna vast.

    5. Alles aan elkaar naaien. Gebruik de stopnaald en een stuk garen om het kopje stevig op het lijf te naaien. Naai daarna de vleugeltjes aan weerszijden van het lijf en het snaveltje in het midden van het kopje. Werk alle losse eindjes goed weg.

    Handige tips bij het eendjes haken

    Gebruik stekenmarkeerders. Zet elke halve toer een markeerder vast, zodat je kunt bijhouden of je goed uitkomt. Amigurumi-patronen werken in spiraaltoeren zonder slipsteek, waardoor je snel de tel kwijtraakt als je even niet oplet.

    Hak de steken iets strakker dan normaal. Bij een te losse spanning zie je de vulling door het haakwerk en oogt het eendje minder strak. Probeer een halve maat kleinere naald als dit een probleem is.

    Breng de veiligheidsoogjes aan voordat je een onderdeel dichthaalt. Dit klinkt logisch, maar het wordt snel vergeten. Eens een veiligheidsoogje erop, zit het er voorgoed op. Werk je voor jonge kinderen? Borduur de ogen dan in met zwart garen, want veiligheidsoogjes zijn niet geschikt voor kinderen onder de drie jaar.

    Heb je eenmaal de truc van het eendje te pakken, dan maak je ze snel achter elkaar. Ze zijn populair als kraamcadeautje, decoratie of gewoon als gezellig haakproject voor een regenachtige middag.

  • Engeltjes haken: zo maak je ze stap voor stap

    Engeltjes haken: zo maak je ze stap voor stap

    Engeltjes haken is goed te doen, ook als je nog niet zo lang haakt. Met een beetje garen, een haaknaald en een eenvoudig patroon maak je in een paar uur een schattig engeltje. Ze zijn populair als kerstdecoratie, maar ook als cadeau of hangertje aan een sleutelhanger. In dit artikel lees je precies wat je nodig hebt en hoe je te werk gaat.

    Wat heb je nodig om engeltjes te haken?

    De meeste gehaakt engeltjes zijn klein, dus je hebt maar weinig materiaal nodig. Dit zijn de basisbenodigdheden:

    • Haakgaren: katoen of acrylgaren in kleur naar keuze. Voor een standaard engeltje gebruik je garen in dikte 2 tot 4, afhankelijk van hoe groot je het wilt.
    • Haaknaald: kies een naalddikte die past bij je garen. Voor dun garen (dikte 2) gebruik je een naald van 2 tot 2,5 mm. Voor dikker garen (dikte 4) een naald van 3 tot 3,5 mm.
    • Vulling: kleine hoeveelheid polyestervulling om het lijfje stevig te maken.
    • Schaar en een naald met groot oog om de draden af te werken.
    • Accessoires (optioneel): een klein stukje lint, kralen, goudkleurig draad voor een stralenkrans, of haardraad voor vleugeltjes.

    Voor een klein engeltje van ongeveer 8 tot 10 cm heb je maar een paar meter garen nodig. Koop je een bol van 50 gram, dan maak je daar makkelijk tien of meer engeltjes van.

    Stap voor stap engeltjes haken

    De meeste gehakte engeltjes bestaan uit een paar losse onderdelen: het lijfje, het hoofd, de vleugels en soms een stralenkrans. Je haakt elk onderdeel apart en naait ze daarna aan elkaar.

    1. Het lijfje
    Begin met een magische ring en haak een rondje van 6 vaste steken. Verhoog elke ronde totdat je een brede basis hebt (afhankelijk van het patroon, zo’n 5 tot 7 ronden). Maak daarna de schouders smaller door steken samen te haken. Vul het lijfje met een beetje polyestervulling voordat je het sluit.

    2. Het hoofd
    Haak ook het hoofd in de rondte, te beginnen met een magische ring. Gebruik dezelfde techniek: verhogen tot de gewenste breedte, dan verminderen. Stop wat vulling in het hoofd en naai het vast op het lijfje.

    3. De vleugels
    Vleugels kun je op verschillende manieren haken. De eenvoudigste manier is een klein ovaal of hartvorm van luchtsteken en vaste of halve stokjes. Wil je meer structuur, gebruik dan haardraad als kern en haak daar omheen. Naai de vleugels op de rug van het engeltje.

    4. De stralenkrans
    Haak een klein ringetje van luchtsteken, of gebruik een kleine pijpenkruller of goudkleurig draad. Bevestig het boven het hoofd.

    5. Afwerking
    Naai alle losse draden weg met de naald. Je kunt het gezichtje borduren met zwart garen (stipjes voor ogen, een klein glimlachje). Een strikje van lint om het lijfje maakt het geheel af.

    Patroon vinden voor engeltjes haken

    Er zijn veel gratis patronen beschikbaar voor het haken van engeltjes. Op platforms als YouTube zijn uitgebreide videotutorials te vinden die je stap voor stap begeleiden. Sommige patronen zijn eenvoudig en voor beginners, andere zijn uitgebreider en kosten iets meer tijd. Kies een patroon op basis van je niveau en hoeveel tijd je hebt. Een eenvoudig engeltje haal je in één tot twee uur; uitgebreidere versies kosten drie uur of meer.

    Op websites als Ravelry, Haakpatronen.nl en Pinterest vind je zowel gratis als betaalde patronen. Sommige patronen zijn in het Nederlands geschreven, anderen in het Engels. In Engelstalige patronen staan afkortingen als “sc” (single crochet, is een vaste steek) en “inc” (increase, is verhogen). Een kort overzicht van veelgebruikte termen helpt je enorm als je met zo’n patroon werkt.

    Tips voor een mooi resultaat

    • Haak gelijkmatig en niet te strak, anders is het lastig om in de steken te prikken.
    • Gebruik een markeerpennetje om het begin van je ronde bij te houden.
    • Katoenengaren geeft een steviger resultaat dan acryl. Acryl is zachter en soepeler.
    • Wil je een kerstengeltje maken? Gebruik wit of goud garen, en voeg een lint toe om het aan de boom te hangen.
    • Maak meerdere tegelijk als je ze als cadeau geeft. Als je eenmaal de beweging te pakken hebt, gaat elk volgend engeltje sneller.

    Engeltjes haken is een leuk project voor elk niveau. Beginners leren er basistechnieken mee zoals de magische ring, verhogen en verminderen. Gevorderde hakers kunnen spelen met structuursteken voor de vleugels of tiny details aan het gezichtje toevoegen. Als het engeltje klaar is, heb je een handgemaakt cadeautje of decoratieobject dat mensen echt waarderen.

  • Kawaii haken: schattige figuren maken stap voor stap

    Kawaii haken: schattige figuren maken stap voor stap

    Kawaii haken is het haken van kleine, schattige figuren gebaseerd op de Japanse kawaii-stijl, waarbij grote ogen, ronde vormen en vrolijke kleuren centraal staan. Denk aan gehaakt fruit met lachende gezichtjes, dieren met dikke wangetjes of kleine plantjes met vrolijke uitdrukkingen. Het is een populaire tak binnen het haken die zowel beginners als gevorderde haaksters aanspreekt, mede door de overzichtelijke formaten en de directe voldoening van een afgerond project.

    Wat maakt kawaii haken anders dan gewoon amigurumi?

    Amigurumi is de overkoepelende Japanse term voor gehaakt of gebreid speelgoed. Kawaii is een stijlkeuze daarbinnen: de figuren zijn overdreven schattig, met verhoudingen die bewust niet realistisch zijn. Een kawaii-cactus heeft een dik rond lichaam, kleine armpjes en een vrolijk gezichtje, terwijl een gewoon gehakte cactus er realistischer uitziet. Bij kawaii haken draait alles om die overdreven liefelijkheid, de “aaah, wat lief!”-reactie.

    Technisch gezien werk je bij kawaii haken vrijwel altijd in spiraalrondes (amigurumi-rondes), zonder af te hechten aan het einde van iedere ronde. Je gebruikt een haaknaald die een maatje kleiner is dan het garen voorschrijft, zodat het weefsel gesloten blijft en het vulmateriaal niet doorschijnt.

    Materialen die je nodig hebt voor kawaii haken

    Je hebt geen dure spullen nodig om te beginnen. Dit zijn de basisbenodigdheden:

    • Katoenengaren: populair bij kawaii-projecten omdat het stevig is en de vorm goed vasthoudt. Dikte 3 of 4 (DK of worsted weight) is een prettige maat voor beginners.
    • Haaknaald: passend bij je garen. Bij katoen dikte 4 gebruik je vaak een naald van 3 of 3,5 mm.
    • Veiligheidsoogjes: de klassieke zwarte veiligheidsoogjes in 6 mm of 8 mm geven figuren direct hun kawaii-uitstraling.
    • Vulwatten: voor het opvullen van de figuren. Polyestervulling is goedkoop en makkelijk te vinden.
    • Stopmuts of naald met groot oog: voor het afwerken en samenvoegen van onderdelen.
    • Stikmarkeerders: om het begin van een ronde bij te houden.

    Wil je gezichtjes ook borduren in plaats van veiligheidsoogjes gebruiken? Dan heb je een borduurgaren in zwart en roze nodig, voor de oogjes en de blosjes op de wangen. Dat geeft een iets zachtere, vintage look.

    Kawaii haken voor groene vingers: een populair thema

    Een goed voorbeeld van hoe kawaii haken ingedeeld wordt in thema’s, is het boek “Kawaii haken voor groene vingers”. Daarin staan gehakte plantjes, bloemen, cactussen en tuinaccesoires, allemaal in kawaii-stijl. Dit soort themaboeken zijn handig omdat de patronen qua kleurgebruik en stijl op elkaar aansluiten, wat het makkelijker maakt om een samenhangende collectie te haken.

    Thema’s die populair zijn binnen kawaii haken zijn onder andere: voedsel (sushi, fruit, gebakjes), natuur (paddenstoelen, bloemen, planten), dieren (katten, pandaberen, kikkers) en seizoensgebonden items zoals kerstballen of halloweenkabouters. Elk thema leent zich voor kawaii-aanpassingen zolang je de ronde vormen en vrolijke gezichtjes aanhoudt.

    Beginnen met kawaii haken: zo pak je het aan

    Als je nog niet eerder hebt gehaakt, leer dan eerst de magische ring (ook wel tovering of magic ring), de vaste steek en de meerdering en mindering. Dat zijn de vier basistechnieken die je in bijna elk kawaii-patroon nodig hebt.

    Een goed beginnerproject is een simpele ronde kawaii-aardbei of een klein cactusje. Die bestaan uit één of twee losse onderdelen en zijn klaar in een uurtje of twee. Zo leer je de techniek zonder je te verliezen in veel losse stukken die je later moet samenvoegen.

    Een handig stappenplan voor een eerste project:

    • Kies een patroon met maximaal drie losse onderdelen (lichaam, eventueel armen en een hoedje of blaadjes).
    • Hak een proeflapje om te checken of je stekendikte klopt met het patroon.
    • Bevestig de veiligheidsoogjes al vroeg in het patroon, vóór je het lichaam volledig sluit.
    • Vul het figuur stevig maar niet te hard op voordat je de laatste rondes dicht haakt.
    • Borduur of plak de wangetjes als laatste.

    Patronen vinden voor kawaii haken

    Gratis kawaii-patronen zijn volop te vinden via Ravelry, Pinterest en Etsy (betaald en gratis). Op Ravelry kun je filteren op “amigurumi” en vervolgens op trefwoorden als “kawaii” of “cute” zoeken. Voor Nederlandstalige patronen zijn er diverse haakblogs en boeken specifiek gericht op de kawaii-stijl.

    Betaalde boeken bieden het voordeel dat patronen professioneel zijn uitgeschreven en getest, wat voor beginners fijn is. Een gewone kawaii-haakboek kost in Nederland doorgaans tussen de 12 en 20 euro (naar schatting in 2025), afhankelijk van uitgever en omvang.

    Kawaii haken is een creatieve hobby met een lage drempel: kleine projecten, vrolijke resultaten en weinig benodigdheden. Of je nu een plantjescollectie op je bureau wil, een schattig cadeautje wil maken of gewoon wil ontspannen met een haaknaald in de hand, de kawaii-stijl biedt eindeloos veel mogelijkheden in een compact formaat.

  • Groot blad haken: zo maak je een realistisch, groot blad stap voor stap

    Groot blad haken: zo maak je een realistisch, groot blad stap voor stap

    Een groot blad haken lukt met een basistechniek van vaste steken en halve stokjes, waarbij je vanuit een middenketen opbouwt naar de brede bovenkant en daarna weer terugwerkt naar de punt. Het resultaat is een stevig, decoratief blad dat je kunt gebruiken voor bloemen, kransen, plantendecoraties of als losse haakbloem. Hieronder lees je precies hoe je dat aanpakt.

    Materiaal kiezen voor een groot blad

    Voor een echt groot blad heb je dikker garen en een bijpassende haaknaald nodig. Gebruik bij voorkeur katoen of acrylgaren in dikte 3 tot 5 mm. Katoen geeft een strakker, steviger blad dat zijn vorm goed behoudt. Acryl is zachter en werkt fijner voor decoratieve toepassingen zoals een bloemenkrans.

    Een goede combinatie voor een blad van ongeveer 15 tot 20 centimeter is garen van 100 gram met 200 meter draad en een haaknaald van 4 tot 5 mm. Wil je een nog groter blad, dan kies je dikker garen (zoals grote bol katoen van 4 of 5 mm dikte) en een naald van 5,5 tot 6 mm. De naaldmaat staat altijd op de wikkel van het garen.

    Groot blad haken: het basispatroon stap voor stap

    De meeste grote bladeren worden gehaakt langs een middenketen. Dat is de “nerf” van het blad, net zoals bij een echt blad. Vanuit die keten haak je aan weerszijden steken die steeds iets langer worden en daarna weer korter, zodat de typische bladvorm ontstaat.

    Hieronder staat een eenvoudig basispatroon voor een blad van ongeveer 18 centimeter:

    • Maak een beginlus en haak een ketting van 20 luchtsteken. Dit wordt de nerf van het blad.
    • Haak in de tweede steek vanuit de naald: 1 vaste steek. Haak dan 3 halve stokjes, 5 stokjes, 3 halve stokjes en eindig met 1 vaste steek. Je bent nu halverwege de ketting.
    • Haak in de volgende steken hetzelfde patroon terug: 1 vaste, 3 halve stokjes, 5 stokjes, 3 halve stokjes, 1 vaste steek.
    • Sluit de ronde met een kettingsteek aan het begin van de ketting.
    • Haak daarna een of twee ronden vaste steken rondom het hele blad voor een nette, stevige rand.
    • Eindig met een slipsteek, knip het draad af en werk de eindjes in.

    Dit geeft je een ovale bladvorm. Wil je een meer gepunte, langwerpige bladvorm zoals een roos- of klimopblad, maak dan de beginkettin langer (30 tot 35 luchtsteken) en bouw de steken minder snel op.

    Varianten: spits, breed of met ribstructuur

    Een spits blad haak je door aan het einde van de ketting extra steken in het laatste luchtsteekje te haken. Haak daar 3 steken in één steek, zodat een nette punt ontstaat. Daarna haak je terug langs de andere kant van de ketting.

    Een breed blad, zoals een vijgenblad of een koolblad, maak je door meerdere ronden toe te voegen. Haak na de eerste ronde een tweede ronde waarbij je op de hoeken meermaals in hetzelfde steekje haakt. Zo groeit het blad naar buiten en wordt het breder dan lang.

    Een ribstructuur, die lijkt op de nerven van een echt blad, maak je door halverwege een ronde kleurwisseling toe te passen of door een ronde in het achterste lusje van de steek te haken. Dat geeft een licht opstaand lijntje door het blad, precies zoals de middennerf van een echt blad.

    Veelgemaakte fouten bij het haken van grote bladeren

    De meeste haaksters beginnen de ketting te kort. Voor een echt groot blad heb je minimaal 20 luchtsteken nodig, maar 25 tot 35 geeft meer ruimte voor de brede vorm. Begin liever iets langer dan te kort, want een te klein blad kan je achteraf niet meer uitrekken.

    Een andere valkuil is te strak haken. Daardoor trekt het blad krom en houdt het zijn vorm niet. Houd je haaknaald losser dan je gewend bent, of gebruik een naald die een halve maat groter is dan het garen aangeeft. Blokeer het blad na het haken door het nat te maken en plat vast te spelden totdat het droog is. Dat is de meest betrouwbare manier om een mooi, plat blad te krijgen.

    Waarvoor gebruik je grote gehaakte bladeren?

    Grote bladeren combineer je het mooist met gehaakte bloemen in dezelfde techniek, zoals rozen, dahlia’s of zonnebloemen. Naai het blad vast achter of naast de bloem voor een realistisch effect. Ze zijn ook geschikt als decoratie op een mand, kussen of haarspeld.

    Voor een bloemenkrans gebruik je meerdere grote bladeren als groene achtergrond. Maak er zes tot tien van in iets verschillende maten en richt ze naar buiten vanuit het midden van de krans. Dat geeft diepte en volume, zonder dat het geheel te vlak oogt.

    Groot blad haken vraagt een beetje oefening, maar met een ketting van 20 tot 35 luchtsteken en de juiste naaldmaat kom je al heel ver. Experimenteer gerust met de lengte van de ketting en het aantal ronden om je eigen favoriete bladvorm te vinden.

  • Katten haken met een nederlands patroon: zo ga je aan de slag

    Katten haken met een nederlands patroon: zo ga je aan de slag

    Een kat haken met een nederlandstalig patroon is een geweldige manier om een schattig amigurumi-katje te maken, ook als je nog niet zo ervaren bent. Nederlandse haakpatronen voor katten zijn goed te vinden via platforms als Pinterest, haakblogs en Ravelry, en ze beschrijven stap voor stap hoe je de kattenoren, het lijfje, de pootjes en de staart afzonderlijk haakt en daarna samenvoegt.

    Het grote voordeel van een patroon in het Nederlands is dat de afkortingen meteen duidelijk zijn. Je hoeft niet te vertalen: vl staat voor vaste lus, lsl voor losse steek en hst voor halve stokje. Dat scheelt veel verwarring, zeker bij rondjes en magische ringen die snel fout gaan als je de verkeerde techniek toepast.

    Wat heb je nodig om een kat te haken?

    Voor de meeste katten haakpatronen in het Nederlands gebruik je acrylgaren van dikte 3 of 4 (ook wel DK of worsted weight), een haaknaald van 3,5 tot 4,5 mm en vulwat om je kat stevig te maken. Veiligheidsoogjes van 9 tot 12 mm geven het katje een levensechte uitstraling. Kies je voor een baby of klein kind? Gebruik dan gehaakte oogjes in plaats van veiligheidsoogjes met een kunststof achterkant.

    Verder heb je een stopnaald nodig om de losse draadeinden weg te werken, en een schaar. Optioneel zijn kleine details zoals een gehaakte strik, een belletje of een kraagje, die je katje extra karakter geven.

    De opbouw van een standaard katten haken nederlands patroon

    De meeste Nederlandstalige patronen voor een haakkat volgen dezelfde logische volgorde. Je begint met de kop, werkt daarna het lijfje, en sluit af met de losse onderdelen zoals oren, pootjes en staart. Hieronder zie je hoe die opbouw er globaal uitziet:

    • Kop: begin met een magische ring van 6 vaste lussen, vergroot dan elke ronde tot je de gewenste omtrek hebt (meestal rond ronde 6 tot 8), en sluit daarna af met afnameringen.
    • Lijfje: dezelfde techniek als de kop, maar iets groter. Vul op en sluit de opening na het samenvoegen.
    • Oren: kleine driehoekige lapjes, soms gemaakt van een paar rijen vaste lussen die je terugvouwt en vastnaait.
    • Pootjes: vier kleine buisjes, gevuld en stevig dichtgenaaid.
    • Staart: een lang, smal buisje dat je licht kunt krul geven door het iets schuin vast te naaien.

    Na het haken naai je alle onderdelen op de kop en het lijfje. Gebruik hiervoor je stopnaald en hetzelfde garen als het lichaam, zodat de naden onzichtbaar blijven. Borduur het snuitje en de mond met zwart borduurgaren of een donkere restdraad.

    Gratis nederlandstalige patronen vinden

    Op Pinterest vind je veel gratis katten haakpatronen in het Nederlands. Zoek op “kat haken gratis patroon” of “amigurumi kat nederlands” en je krijgt tientallen resultaten. Veel patronen leiden naar Nederlandse haakblogs, waar het volledige patroon gratis te downloaden is als pdf. Controleer altijd of het patroon de afkortingen uitlegt, want niet elke blogger werkt met dezelfde notatie.

    Ook Ravelry heeft nederlandstalige patronen, maar je moet daarvoor filteren op taal. Kies bij de zoekopties “Dutch” als taal en voeg “cat” of “kat” toe als zoekterm. Sommige patronen zijn gratis, andere kosten een klein bedrag (naar schatting rond 1 tot 4 euro in 2024).

    Veelgemaakte fouten bij het haken van een kat

    De meeste beginners maken de kop te klein of het lijfje te groot, waardoor de verhouding niet klopt. Houd de maataanwijzingen in het patroon aan en tel je steken elke ronde, vooral bij de afnameringen. Een ringteller of een klein stukje contrastgaren als stekenmarkeerder helpt daarbij.

    Een andere valkuil is te weinig vulwat gebruiken. Een te slappe kat ziet er niet mooi uit en verliest zijn vorm. Vul elk onderdeel stevig op voordat je het sluit, maar let op dat je het garen niet oprekt, want dan zie je gaten in je haakwerk.

    Veiligheidsoogjes moet je plaatsen voordat je de kop volledig sluit. Zodra je de kop hebt gevuld en de opening dicht is, lukt het niet meer om de oogjes er goed in te klikken. Markeer de oogpositie eerst met spelden voordat je ze definitief bevestigt.

    Met een goed nederlandstalig katten haakpatroon, de juiste materialen en een beetje geduld heb je in een weekend een schattig haakkatje klaar. Begin met een eenvoudig basispatroon en voeg daarna naar eigen smaak details toe, zoals een gestreept jasje of gevlekte vacht in twee kleuren garen.

  • Kip haken patroon in het Nederlands: zo maak je een gehaakte kip stap voor stap

    Kip haken patroon in het Nederlands: zo maak je een gehaakte kip stap voor stap

    Een kip haken patroon in het Nederlands vind je in verschillende varianten: van een kleine amigurumiкип van een paar centimeter tot een grote knuffeldier voor op de bank. De meest gebruikte basis bestaat uit een magische ring, losse toeren in vaste steken, en aparte onderdelen zoals vleugels, kam en snavel die je achteraf opnaait. Hieronder vind je een compleet patroon en alle uitleg om er direct mee aan de slag te gaan.

    Dit patroon is geschikt voor haners en kippen van gemiddeld 15 tot 20 centimeter hoog, afhankelijk van je haaknaalddikte en garen. Voor een kleiner resultaat kies je een dunnere naald (2,5 mm) met dun katoen; voor een groter formaat pak je een 4 mm naald met dikker acrylgaren.

    Wat heb je nodig voor een kip haken patroon?

    Voordat je begint, zorg je dat je de volgende materialen bij de hand hebt. De meeste ervan heb je waarschijnlijk al in je haakdoos liggen.

    • Acrylgaren of katoen in wit, bruin, rood of een kleur naar keuze (ca. 50 gram)
    • Een beetje rood garen voor de kam en de lellen
    • Geel of oranje garen voor de snavel en de pootjes
    • Haaknaald passend bij je garen (meestal 3 mm of 3,5 mm)
    • Opvulling (polyestervulling of oude stukken garen)
    • Veiligheidsoogjes van 6 tot 9 mm, of zwart borduurgarentje
    • Naald en schaar
    • Rijgnaald om onderdelen samen te naaien

    Afkortingen in dit Nederlandse haakpatroon kip

    Haakpatronen in het Nederlands gebruiken andere afkortingen dan Engelse patronen. Hier zijn de meest gebruikte termen voor dit patroon op een rij.

    • mr = magische ring
    • vs = vaste steek
    • str = stijging (2 vaste steken in 1 steek)
    • afs = afname (2 steken samenhaken)
    • lpt = luchtig patroon (luchtsteek)
    • sl st = slipsteek
    • hst = halve stokje
    • st = stokje

    Het patroon: het lichaam van de kip

    Begin met de magische ring. Alle ronden haken in de rondte, tenzij anders aangegeven. Markeer de eerste steek van elke ronde met een rijgdraad of stekkenmarkeerder.

    Ronde 1: 6 vs in de magische ring. (6 steken)
    Ronde 2: Str in elke steek. (12 steken)
    Ronde 3: [1 vs, str] herhaal rondom. (18 steken)
    Ronde 4: [2 vs, str] herhaal rondom. (24 steken)
    Ronde 5: [3 vs, str] herhaal rondom. (30 steken)
    Ronde 6 t/m 12: 1 vs in elke steek. (30 steken, 7 ronden)
    Ronde 13: [3 vs, afs] herhaal rondom. (24 steken)
    Ronde 14: [2 vs, afs] herhaal rondom. (18 steken)

    Bevestig hier de veiligheidsoogjes tussen ronde 8 en 9, met een tussenruimte van ongeveer 8 steken. Vul het lichaam stevig op met vulling.

    Ronde 15: [1 vs, afs] herhaal rondom. (12 steken)
    Ronde 16: Afs in elke steek. (6 steken)

    Sluit af met een slipsteek, haal de draad door de resterende steken en trek strak aan. Afbinden en verbergen.

    De kop van de gehaakte kip

    De kop maak je apart en naai je later op het lichaam. De kop is kleiner dan het lichaam, maar volgt dezelfde opbouw.

    Ronde 1: 6 vs in de magische ring. (6 steken)
    Ronde 2: Str in elke steek. (12 steken)
    Ronde 3: [1 vs, str] herhaal rondom. (18 steken)
    Ronde 4 t/m 8: 1 vs in elke steek. (18 steken, 5 ronden)
    Ronde 9: [1 vs, afs] herhaal rondom. (12 steken)
    Ronde 10: Afs in elke steek. (6 steken)

    Vul de kop op en sluit af. Naai de kop op het bovenste deel van het lichaam met een rijgnaald en draad in dezelfde kleur als het garen.

    Kam, snavel, vleugels en pootjes

    De kleine onderdelen geven de kip haar herkenbare uitstraling. Hieronder vind je de instructies per onderdeel.

    Snavel: Haak 4 luchtsteken in oranje garen. Sla het dubbel en naai het vast op de kop, tussen de oogjes, iets eronder.

    Kam (in rood garen): Haak een reeks van 3 kleine bolletjes. Elke bol bestaat uit 6 vs in een magische ring, gevuld en gesloten. Naai de drie bolletjes naast elkaar op de bovenkant van de kop.

    Lellen: Haak in rood garen 2 kleine ovaalvormige stukjes: begin met 4 luchtsteken, haak rondom (2 vs aan iedere kant, str aan de uiteinden). Naai onder de snavel vast.

    Vleugels (maak er 2):
    Ronde 1: 6 vs in de magische ring. (6 steken)
    Ronde 2: Str in elke steek. (12 steken)
    Ronde 3: [1 vs, str] herhaal rondom. (18 steken)
    Ronde 4 t/m 6: 1 vs in elke steek.
    Ronde 7: [1 vs, afs] herhaal rondom. (12 steken)
    Niet opvullen. Plat dichtknijpen en aan de zijkanten van het lichaam vastnaaien.

    Pootjes (maak er 2):
    Haak in geel of oranje garen een kettinkje van 8 luchtsteken. Haak terug met vaste steken. Maak 3 van deze strookjes en naai ze samen aan de onderzijde vast in een waaierpatroon. Zo lijken ze op kippenpoten met teentjes.

    Tips voor een mooi resultaat

    Gebruik je een dunner garen dan aangegeven, dan wordt de kip smaller en strakker van structuur. Dat is fijn voor decoratieve kippen, maar iets minder handig als je een zachte knuffel wil. Voor een knuffelkip kies je bij voorkeur een zacht acrylgaren en een naald die iets groter is dan de verpakking aangeeft, zodat het resultaat lekker vol aanvoelt.

    Haak je dit patroon voor Pasen, dan zijn felle kleuren populair: geel, roze, turquoise of blauw. Voeg een klein eitje toe van een paar ronden in wit of pastelkleur, dan heb je meteen een compleet Paasdecoratie setje.

    Wil je de kip verkopen of weggeven aan een kind onder de drie jaar? Gebruik dan geen veiligheidsoogjes maar borduur de ogen in met zwart garen. Veilighe