Een konijn haken is een van de leukste projecten in de amigurumi-wereld. Met een haaknaald, wat katoen- of acrylgaren en een beetje vulling maak je een zacht, speelgoed-konijn dat perfect is als cadeau of decoratie. In dit artikel lees je precies wat je nodig hebt, welke technieken je gebruikt en waar je op moet letten om een mooi resultaat te krijgen.
Wat je nodig hebt om een konijn te haken
Voor het haken van een konijn heb je niet veel materiaal nodig. De basis bestaat uit garen, een haaknaald en vulmateriaal. Hieronder zie je een overzicht van de benodigdheden:
- Garen: katoen- of acrylgaren, dikte 3 tot 4 (DK of worsted weight). Voor een klein konijntje van zo’n 15 cm gebruik je naar schatting 50 tot 100 gram garen.
- Haaknaald: maat 2,5 tot 3,5 mm, afhankelijk van de dikte van je garen. Een smallere naald geeft een strakker weefsel zodat de vulling niet doorschijnt.
- Vulmateriaal: polyestervulling, ook wel fiberfill of watten. Dit is wasbaar en behoudt zijn vorm goed.
- Veiligheidsoogen: plastic oogen met een veiligheidsslot, meestal 6 tot 9 mm voor een klein konijn. Gebruik je het konijn voor een baby of peuter? Kies dan geborduurde oogen.
- Naald en schaar: een stompe borduurnaald om draden in te naaien en lossen vast te werken.
Kies bij voorkeur garen dat ook na wassen zijn kleur en vorm behoudt. Babygaren (zachte acryl) werkt fijn voor knuffels die veel aangeraakt worden.
De techniek: hoe haak je een konijn stap voor stap
Een konijn haken gaat bijna altijd in rondes, met de magische ring als startpunt. Dit geeft een gesloten beginpunt zonder gat in het midden. Hieronder staat de globale werkwijze die de meeste patronen volgen:
- Stap 1 – Start met de magische ring: maak een magische ring en haak er 6 vaste steken in. Trek de ring dicht.
- Stap 2 – Vermeerderen: haak rondes waarbij je regelmatig vermeerderingen maakt (2 vaste in 1 steek). Zo groeit het bolletje van 6 naar 12, 18, 24 steken enzovoort tot het hoofd of lichaam de gewenste grootte heeft.
- Stap 3 – Rechte rondes: als de omtrek groot genoeg is, haak je een aantal rondes zonder vermeerdering. Dit vormt de zij- of bovenkant van het onderdeel.
- Stap 4 – Verminderen: sluit het onderdeel af met verminderingen (onzichtbare afname). Stop halverwege met vulling aan te brengen zodat het goed vol maar niet stijf is.
- Stap 5 – Oren: lange, smalle vormen haak je apart. Oren van een konijn zijn vaak langwerpig en licht gevuld of juist plat.
- Stap 6 – Samenvoegen: naai alle losse onderdelen (hoofd, lichaam, armen, benen, oren, staartje) stevig aan elkaar met de borduurnaald. Haal alle losse draden naar binnen.
De onzichtbare afname is een techniek die je even moet oefenen, maar het resultaat is een strakker oppervlak zonder zichtbare gaten. Zoek op “invisible decrease amigurumi” voor een duidelijke visuele uitleg.
Een gratis patroon voor konijn haken
Je hoeft niet zelf een patroon te bedenken. Er zijn veel gratis haakpatronen voor konijnen beschikbaar. Een voorbeeld is het gratis patroon van “Alexia het Konijn”, ontworpen en uitgeschreven door de Nederlandse haakblog Nobody Else. Dat patroon staat volledig uitgeschreven in het artikel op hun website en is geschikt voor wie al een paar amigurumi-projecten heeft gedaan.
Let bij het kiezen van een gratis patroon op het volgende:
- Is het patroon geschreven in vaste steken (vs) en rondes, of in toeren? Amigurumi werkt vrijwel altijd in spiraalrondes.
- Wordt de Amerikaanse of Europese haakterminologie gebruikt? In Nederland zie je beide. Controleer of “vs” vaste steek betekent en niet “enkel stokje”.
- Is er een steekaantal aan het einde van elke ronde vermeld? Dit helpt je fouten snel te ontdekken.
Veelgemaakte fouten bij het haken van een konijn
Een losser haaksel dan bedoeld is een van de meest voorkomende problemen. Gebruik dan een kleinere haaknaald dan de verpakking van het garen aangeeft. Bij amigurumi wil je een strak weefsel zodat de vulling niet zichtbaar is en het figuur zijn vorm behoudt.
Een andere valkuil is het te vroeg of te laat vullen. Vul het onderdeel niet pas als je het al bijna hebt gesloten, want dan lukt het niet meer om de vulling goed te verdelen. Begin met vullen als je nog een opening hebt van ongeveer vier tot zes steken.
Tot slot zetten beginners de oogen soms op de verkeerde plek. Leg de oogen altijd eerst tijdelijk neer (met een speld of in de steek vasthaken zonder te bevestigen) en kijk op afstand of de plaatsing klopt. Veiligheidsoogen kun je na bevestiging niet meer verplaatsen.
Met de juiste materialen, een duidelijk patroon en aandacht voor de steekaantallen per ronde komt je gehaakte konijn gegarandeerd goed uit. Zodra je de basisvorm onder de knie hebt, kun je eindeloos variëren: andere kleuren, een jurk eraan haken, of de oren korter maken voor een konijn met hangoren.









