Een nop haken is een haaktechniek waarbij je meerdere steken op dezelfde plek samentrekt tot één ronde, compacte knoop. Het resultaat is een kleine bobbel in je werk, die samen met andere nopjes een structuurpatroon vormt. Nopjes zijn geliefd in dekens, kussens en tassen omdat ze een mooie, driedimensionale textuur geven.
Het haken van een nop lijkt ingewikkeld, maar zodra je de basisbeweging doorhebt, gaat het snel. Hieronder lees je precies hoe het werkt, welke varianten er zijn en waar je op moet letten.
Wat is een nop bij het haken?
Bij nop haken werk je eigenlijk meerdere onvoltooide stokjes (of halve stokjes) op dezelfde steek of plek, en trek je die dan in één keer samen tot een gesloten knoop. Die samengetrokken bovenkant vormt de nop, ook wel het bobbeltje. Hoe meer stokjes je samentrekt, hoe groter en ronder de nop wordt.
Een klassieke nop bestaat meestal uit drie tot vijf stokjes die op dezelfde plek worden geplaatst en samen worden afgewerkt. Gebruik je meer stokjes, dan wordt de nop voller. Gebruik je minder, dan is hij wat platter en kleiner. Dit geeft je de vrijheid om de structuur van je werk zelf te bepalen.
Nop haken stap voor stap
Hieronder zie je hoe je een standaard nop van drie stokjes maakt. Je hebt hiervoor gewoon een haaknaald en garen nodig, de dikte maakt in principe niet uit.
- Stap 1: Steek je haaknaald in de aangewezen steek en haal garen door. Je hebt nu twee lussen op je naald.
- Stap 2: Sla garen om en haal door de eerste twee lussen. Je houdt één lus over. Dit is één onvoltooid stokje.
- Stap 3: Steek de naald opnieuw in dezelfde steek en herhaal: garen door, sla om, haal door twee lussen. Je hebt nu twee lussen op je naald.
- Stap 4: Herhaal dit nog een keer, zodat je drie lussen op je naald hebt staan.
- Stap 5: Sla garen om en haal in één beweging door alle drie de lussen. De nop is nu gesloten.
- Stap 6: Maak één of twee luchtsteekjes om de nop te fixeren en verder te gaan naar de volgende steek.
Wil je een nop van vijf stokjes? Dan herhaal je stap 3 en 4 gewoon twee keer extra. Hoe meer lussen je samentrekt, hoe prominenter de nop uitsteekt.
Verschil tussen een nop, moes en puff
Nop haken lijkt op twee andere technieken: de moes en de puff. Ze geven alle drie een bobbel-effect, maar ze worden iets anders gemaakt. Bij een nop gebruik je stokjes die je onvoltooid laat en dan samenpakt. Bij een moes gebruik je halve stokjes op dezelfde manier. Een puff bestaat uit lussen die je telkens optrekt zonder om te slaan, waarna je ze ook samen sluit. Het resultaat ziet er bij alle drie wat anders uit: nopjes zijn stevig en compact, moesjes iets zachter, en puffs het meest wollig en los.
Als je net begint met structuursteken, is de nop een goede keuze. Hij is stabiel, houdt goed zijn vorm en werkt ook goed met iets dikkere garens.
Tips voor mooie nopjes
Een veelgemaakte fout bij nop haken is dat de nop aan de verkeerde kant uitsteekt. Bij normaal haken in rijen komen de nopjes naar de achterkant van je werk. Wil je de nopjes aan de voorkant zien, dan werk je ze op de heenrij naar de achterkant en draai je het werk om voor de volgende rij. Zo kijken de nopjes jou aan. In ronden in het rond werken dat makkelijker: de nopjes komen dan automatisch aan de buitenkant.
Zorg ook voor een iets lossere spanning dan normaal. Door het samentrekken van meerdere stokjes trekt het werk snel samen, wat je patroon kan vervormen. Een haaknaald een maat groter nemen dan het label van je garen aangeeft, kan daarbij helpen.
Tot slot: markeer altijd de steek waar je de nop plaatst. Zeker bij patronen met nopjes op vaste intervallen is het makkelijk om een steek over te slaan, wat het patroon verstoort.
Nop haken vraagt een beetje oefening, maar de techniek is goed te leren. Begin met een kleine proeflapje, zodat je de beweging in je vingers krijgt. Daarna kun je de nopjes verwerken in elk project waar je structuur en textuur wilt toevoegen.

Leave a Reply